Mina’s mirage

 

 Berchem, op een zomeravond, na de laatste trein, na de laatste bus. Ik slenter naar huis, luisterend naar muziek die Mina me heeft gegeven. Het is de eerste keer dat we elkaar hebben gezien, in Leuven. Ik ben dertig. Het is de tijd van de USB sticks en de gsmetjes die open klappen, jaren voor de smartphones en dating apps. Terwijl ik zo wandel voel ik een erotische fantasie opkomen. Ik ben helemaal alleen op straat. Ik knijp wat in mijn opzwellende lul, door mijn broek heen. Ik heb al vaak over Mina gefantaseerd – ik vraag me af of ik ook soms in haar dromen figureer – maar wij kunnen niet over seks praten. Niet op mijn hongerige alles-willen-weten manier. Ik word opgezweept door het feit dat ik haar eindelijk echt heb gezien, haar trillende stem heb gehoord en bevende handen heb gevoeld, dat ze meer is geworden dan wat woorden op een scherm. Zelfs daarvoor nog, voor ik haar tenenfoto had gekregen (waar ik aanvankelijk furieus van ging masturberen, want voeten zijn helemaal mijn ding), voor ik wist wie ze was, voelde ik het verlangen haar op die manier te bezitten, zoals het door mijn hoofd spookt die nacht. Erotisch is het juiste woord. Ik hou een schaal aan van lichamelijke intimiteit: platonisch, erotisch, pornografisch. Pas veel later in mijn leven zal ik vrouwen op pornografische manier gaan benaderen en behandelen. De tijd waar we nu over spreken is… spannender, op een manier. Langzamer. Moeilijker. Platonisch contact hebben Mina en ik niet. Ons lijf vormt wel degelijk een probleem, aanraken is niet zomaar mogelijk. Dat komt weliswaar door schaamte, zenuwen, het gierende besef van wie we zijn, wat we elkaar allemaal al hebben toevertrouwd toen we nog anoniem waren…

 

De erotiek waar ik naar verlang is die van de overgave. Ik beeld me haar in, aan mijn arm – hoe vaak heb ik dit niet met andere vriendinnen gedaan, in het verleden? – het linkeroortje van mijn MP3 speler in haar oor en ik het rechtse in het mijne, samen verwonderd over hoe toepasselijk de muziek, haar speellijst, wel is: wij, alleen over de straten, met die liedjes die al zoveel betekenen en er nu nog een lading bij krijgen. Ik ben groot en stevig, zij is klein en tenger. Donker, met gespierde dijen en kuiten in een strakke broek en kleine borsten stevig in een laag t shirts platgedrukt. Als het refrein van ‘Moving’ van Supergrass begint til ik haar op, sleur ik haar mee in een dans, haar hand nog in het mijne geklemd, onze armen stevig om elkaar terwijl we zingend – ocharme, die slapende Turken! – in het rond draaien. Ik druk haar tegen me aan. Onze lijven vormen een schaterlach. Ik kus haar, en we wandelen verder. Ze zegt niets, maar ik hoor de woorden vormen, voorzichtig. Ik glimlach. Het refrein begint weer. Ik til haar op. “Terry,” waarschuwt ze. Ze aarzelt. Ik druk mijn slaap tegen haar slaap, wrijf met mijn wang langs haar oor, haar nek. Ik ruik haar, druk haar tegen me aan, grijp haar, wring haar tot alles kust, behalve onze lippen. “Hm,” zegt ze, wat alles kan betekenen. We kussen. Ze zucht, en we kussen dieper. Ik streel haar achterkant met mijn grote handen, haar voorkant met de mijne, haar alles met mijn alles. De muziek verandert. We laten los en wandelen, hand in druk wriemelende hand, woordeloos, mijn hoofd hoog van genot, haar hoofd gebogen in ongeloof. Een paar straten verder speelt Elbow, en aan het zebrapad kussen we weer. Ik sta niet stil bij waar we heen gaan. Ze protesteert met kleine geluidjes, maar haar lijf wil meer. Ik druk haar tegen me aan, wrijf over haar kont, tussen haar benen. Ik voel me alsof ik zo zou kunnen opstijgen, met haar zou kunnen wegvliegen. Bij het parkje van de Karel Oomsstraat glippen we naar binnen, het pad af, de bosjes in, naar de hekken aan de straatkant. Ik wil dat ze die koude staven tegen haar blote kont voelt, ik wil dat ze al haar paniek, al haar schaamte uitslaakt als ik bij haar naar binnen stoot, dat ze luid gilt als ik haar toe grom dat iedereen haar kan horen, iedereen haar kan zien, dat ze haar zullen herkennen aan haar lange, gitzwarte krulhaar. Even verder – hoe zijn we daar geraakt? – aan de lichten met de Jan van Rijswijcklaan staan we op groen te wachten, hoewel er helemaal niemand op de baan is.

 

Ze leunt met haar rug tegen mijn buik, trekt met een hand mijn hoofd naar beneden en legt met het andere mijn hand op haar kruis. We zoenen terwijl ik haar riem losmaak en in een paar korte rukken haar broek op haar enkels laat vallen. Ze ademt gretig in als ik over haar onderbroekje wrijf, over haar buik, en stevig haar borsten vastgrijp. Ze duwt haar heupen vooruit, tot ze met gespreide benen op de toppen van haar tenen zich tentoonstelt aan eenieder die zou passeren. Ik bid vurig om een voorbijganger, een gluurder achter een gordijn, een eenzame trambestuurder die ziet hoe ik haar onderbroekje opzij trek, haar met mijn vingers bevrijd… Eenmaal we, op een of andere manier, bij mij thuis zijn geraakt gaat mijn droom helemaal in vervulling, in de badkamer, aan de grote spiegel die boven de wastafel hangt. Zij, volledig naakt maar niet minder gretig, rust met haar voeten op de wastafel en met haar rug tegen mijn borst: haar hoofd op mijn schouder, mijn handen onder haar billen, kijken we samen naar hoe ik sneller en sneller bij haar naar binnen glijd. We vangen elkaars blik, ademen elkaars ademen, zij krult en spreidt haar tenen, we zweven en stoten, vliegen en… Het sperma schiet met zulke kracht uit mijn lul dat het, vrij hoog, de spiegel raakt. Heel de weg lang heb ik gefantaseerd en het heeft me verteerd, heb ik het gevoel vastgehouden dat ze bij me was, dat ze me wou, dat ze zich aan me overgaf… Nog naschokkend en hijgend, mijn kleverige, kleiner wordende lul in een hand en leunend op de wastafel met de andere, kijk ik hoe mijn overgave nu langzaam van het spiegelglas druipt. Ik glimlach. Ik pak een washandje met koud water en maak mezelf wat schoon, vis mijn GSM uit mijn broekzak en trek een foto: mijn grijns, mijn lijf, de streep sperma. Ik stuur haar een MMS, de eerste van vele – weet je nog, dat we dat zo moesten doen, foto’s doorsturen via een speciaal soort media sms? – doe het licht uit, en ga slapen.